Quick Hg. Vets - ACC Vets 14 juli 2007
De haan kraaide slechts tweemaal
In vroeger tijden, toen de zaken helaas ook al niet meer waren zoals ze eigenlijk behoren te zijn, stond de jonge heer E. Booij daags na de wedstrijd achter zijn lessenaar, overzag de goede stad A. waar hij op het Murmel gymnasium de klassieken had ingezogen, wachtte tot de Muze, die hem ooit verhaald had over de wrok van Achilles, haar koele, langvingerige handen op zijn bloedblozende konen lei en wrochtte een vertoog vol jolijt, boert en vermaningen over hetgeen zijn strijdmakkers en hem op het cricketveld was wedervaren.
Of, gelijk kwaadsappige tongen beweren, hij vervolgens de dienstbode met de van inkt druipende vellen richting een taveerne dirigeerde waar moderne, nog nat achter de oren zijnde en gelijk het betaamt met roodgloeiende pukkels overladen, jongelingen des Erics pennevruchten door middel van geheimzinnige, bijzoemendgelijkende toverdozen de wereld inzonden, of dat hij zelf het stalen ros besteeg om genoemde uitspanning te bezoeken, zal wel altijd in de nevelen dier andere Muze gehuld blijven, maar hoe het ook zij, enkele dagen later vond elke ACCer op de deurmat de ooit onvolprezen Rond de ACC Pitch waarin Erics bijdrage één der weinige stralende sterren was temidden van de vele zwarte gaten en uitgedoofde gasreuzen die de toenmalige redacteur, wiens naam kiesheidshalve verzwegen en vergeten dient te worden tot het Einde der Tijden alles heeft uitgedoofd, aan zijn kennelijk weinig gewaardeerde publiek dorst te presenteren. Kronos arbeidt gestaag en onversaagd en E. Booij, die ondanks zijn leeftijd het epitheton jonge heer met recht en verve draagt, heeft zijn priemende blik gewend richting de grote stad A. waar hij, zoals hij onder een Haags stortbad aan een ieder die het horen wilde (één landbouwer) meedeelde, geen Adelaarshorst bouwen te willen doch wel een warm nest, hetgeen betekent, dat hij de ganzeveer heeft opgeborgen. Geen verslagen meer, kortom. Doe jij het dan maar, sprak de jonge heer Booij tegen genoemde landbouwer, die, om de wereld geheel duistere redenen, zijn werkzame dagen doorbrengt in de oude, door afgebrokkelde, historie fluisterende, muren doorsneden stad Z. aan de groen-kronkelende IJ. Ondanks het weinig opbeurende weder maakt een ieder rond de oude stad Z. zich op om, onder het zingen van eeuwen trotserende liederen, met de riek op de schouder naar de grazige velden en weiden te trekken ten einde de natie van genoeg voedsel te voorzien opdat zij de winter, die ook deze keer wel niet veel soeps zal worden, doorkome. Kennelijk wensen de gezagsdragers te Z. geen Westelijke landbouwer tijdens de zo belangrijke tijdsspanne in het anders zo rustige en gelijkmatige leven der inwoners en omwonenden van Z., want zij besparen hem voor vele weken de lange reis naar het Verre Oosten, waar de tong anders in de mond ligt en de warme maaltijd rond noen genuttigd wordt.
De veteranen van Quick Haag zijn al jaren de bewoners van de Olympus der veteranencompetitie. Toch togen tien onversaagde ACCers (Ramanand kon het veer dat hem naar de zuidelijke oever van het woest kolkende N. Z. kanaal zou overzetten niet bereiken) welgemutst naar het Haagje. Bij ontstentenis van de, omringd door levensgezellin en kroost, in het volgens velen decadente F. verblijvende C. Nierop, greep de jonge heer Booij, ongetwijfeld de schaars geklede Kretenzers in gedachten, de koe bij de hoorns en verloor de toss. Fielden.
Met roodgloeiende pukkels overladen jongelingen menen in hun ontroerende onschuld na het zien van de rolprent Troy, dat de strijd kort kan duren. En soms, heel soms, buigt de werkelijkheid zich naar de verdichting. De heren Maarleveld, Hendrikse en Groen verdwenen met weinig runs achter de naam richting kantine. Eldering bowlde als vanouds, de jonge heer Booij had moeite met die nieuwerwetse uitvinding genaamd radar, von Schmidt hield de deur weer eens goed toe en Van der Enden meende op een Haags cricketveld te moeten laten zien dat wat hij in het zoveelste boek over WO I had gelezen over Britse tactiek (gewoon hetzelfde blijven doen, dat verwacht de vijand niet) in daden kon worden omgezet. De heren Van Es en Vierling bliezen fiks in de Haagse bus, Mister Extra deed eveneens zijn best en Quick kwam uit op een totaal van 206 voor 5. ACC kortom weer met beide benen op de grond.
De lunch was meer dan uitstekend, maar daar de eerder genoemde landbouwer slechts bekend is met het eerlijke voedsel dat de vette weiden en velden en hun rondoogige bewoonsters produceren, zal onbekend blijven wat de ACC veteranen oppeuzelden. Wat niet onbekend mag blijven is de vaststelling dat dit de wijze is waarop men zijn tegenstanders dient te ontvangen. Werkelijk uitstekend.
Van der Graaf en von Oven Fransz openden de ACC innings. Helaas liep Van der Graaf tegen de immer gevreesde en immer veel gepalaver veroorzakende vinger van de scheidsrechter van dienst. Eldering had een atypische dag en vertrok voor weinig. Non passeran pensionada von Oven Fransz echter meende, volkomen terecht, dat een lange rit van het een voormalige zee overziende M. naar de residentie een respectabel aantal minuten op de crease meer dan rechtvaardigde. Hij liet zien hoe het hoort. Battend met verstand en overleg wist hij de innings van ACC al drie ballen voor het sluiten van de veertig overs tot een goed einde te brengen. Aan de andere kant volgde de jonge heer Booij het voorbeeld van de rustige en bedachtzame vader uit M., al achtte hij het noodzakelijk om zes keer door zessen te laten zien dat jeugdig gedrag (Ik ros hem de tent uit) hem ter bestemde plaatse en tijd nog altijd aankleeft. (En terecht.) Quick gooide alles en iedereen in de strijd, maar von Oven Fransz, die door piepen en kreunen aangaf een shaggie te willen en de jonge heer Booij bleven op hun plaats, wat Van der Enden de gelegenheid gaf een door niemand aangehoord relaas te houden over Stellung halten. ACC 208 voor 2.
Bier, cola (voor de lafaard) en een tegenstander die zijn eigen prestaties tegen het licht hield, maar niet vergat de ACC matadoren te prijzen. Uitstekende dag, de thuisblijvers, onder wie niet Victor van der Valk, hadden weer eens ongelijk.
Zaterdag 7 juli 2007 Quick Haag Vets ACC Vets 0 2
Quick Hg vets 206/5 Van Es 72, Vierling 65, H. Schiferli 12*, Allema 9*, Hendrikse 6, Groen 6, D. Maarleveld 1
Eldering 2/31/109, von Schmidt 1/33/10, Booij 1/50/10, Van der Ende 1/88/10
ACC vets 208/2 Booij 106*, Von Oven Fransz 73*, Van der Graaf 10, Eldering 4
Hendrikse 1/30/5, Groen 1/42/10. Van der Veen 0/29/7 B. Lubbers 0/27/4, Allema 0/38/5, Bertels 0/9/43
In vroeger tijden, toen de zaken helaas ook al niet meer waren zoals ze eigenlijk behoren te zijn, stond de jonge heer E. Booij daags na de wedstrijd achter zijn lessenaar, overzag de goede stad A. waar hij op het Murmel gymnasium de klassieken had ingezogen, wachtte tot de Muze, die hem ooit verhaald had over de wrok van Achilles, haar koele, langvingerige handen op zijn bloedblozende konen lei en wrochtte een vertoog vol jolijt, boert en vermaningen over hetgeen zijn strijdmakkers en hem op het cricketveld was wedervaren.
Of, gelijk kwaadsappige tongen beweren, hij vervolgens de dienstbode met de van inkt druipende vellen richting een taveerne dirigeerde waar moderne, nog nat achter de oren zijnde en gelijk het betaamt met roodgloeiende pukkels overladen, jongelingen des Erics pennevruchten door middel van geheimzinnige, bijzoemendgelijkende toverdozen de wereld inzonden, of dat hij zelf het stalen ros besteeg om genoemde uitspanning te bezoeken, zal wel altijd in de nevelen dier andere Muze gehuld blijven, maar hoe het ook zij, enkele dagen later vond elke ACCer op de deurmat de ooit onvolprezen Rond de ACC Pitch waarin Erics bijdrage één der weinige stralende sterren was temidden van de vele zwarte gaten en uitgedoofde gasreuzen die de toenmalige redacteur, wiens naam kiesheidshalve verzwegen en vergeten dient te worden tot het Einde der Tijden alles heeft uitgedoofd, aan zijn kennelijk weinig gewaardeerde publiek dorst te presenteren. Kronos arbeidt gestaag en onversaagd en E. Booij, die ondanks zijn leeftijd het epitheton jonge heer met recht en verve draagt, heeft zijn priemende blik gewend richting de grote stad A. waar hij, zoals hij onder een Haags stortbad aan een ieder die het horen wilde (één landbouwer) meedeelde, geen Adelaarshorst bouwen te willen doch wel een warm nest, hetgeen betekent, dat hij de ganzeveer heeft opgeborgen. Geen verslagen meer, kortom. Doe jij het dan maar, sprak de jonge heer Booij tegen genoemde landbouwer, die, om de wereld geheel duistere redenen, zijn werkzame dagen doorbrengt in de oude, door afgebrokkelde, historie fluisterende, muren doorsneden stad Z. aan de groen-kronkelende IJ. Ondanks het weinig opbeurende weder maakt een ieder rond de oude stad Z. zich op om, onder het zingen van eeuwen trotserende liederen, met de riek op de schouder naar de grazige velden en weiden te trekken ten einde de natie van genoeg voedsel te voorzien opdat zij de winter, die ook deze keer wel niet veel soeps zal worden, doorkome. Kennelijk wensen de gezagsdragers te Z. geen Westelijke landbouwer tijdens de zo belangrijke tijdsspanne in het anders zo rustige en gelijkmatige leven der inwoners en omwonenden van Z., want zij besparen hem voor vele weken de lange reis naar het Verre Oosten, waar de tong anders in de mond ligt en de warme maaltijd rond noen genuttigd wordt.
De veteranen van Quick Haag zijn al jaren de bewoners van de Olympus der veteranencompetitie. Toch togen tien onversaagde ACCers (Ramanand kon het veer dat hem naar de zuidelijke oever van het woest kolkende N. Z. kanaal zou overzetten niet bereiken) welgemutst naar het Haagje. Bij ontstentenis van de, omringd door levensgezellin en kroost, in het volgens velen decadente F. verblijvende C. Nierop, greep de jonge heer Booij, ongetwijfeld de schaars geklede Kretenzers in gedachten, de koe bij de hoorns en verloor de toss. Fielden.
Met roodgloeiende pukkels overladen jongelingen menen in hun ontroerende onschuld na het zien van de rolprent Troy, dat de strijd kort kan duren. En soms, heel soms, buigt de werkelijkheid zich naar de verdichting. De heren Maarleveld, Hendrikse en Groen verdwenen met weinig runs achter de naam richting kantine. Eldering bowlde als vanouds, de jonge heer Booij had moeite met die nieuwerwetse uitvinding genaamd radar, von Schmidt hield de deur weer eens goed toe en Van der Enden meende op een Haags cricketveld te moeten laten zien dat wat hij in het zoveelste boek over WO I had gelezen over Britse tactiek (gewoon hetzelfde blijven doen, dat verwacht de vijand niet) in daden kon worden omgezet. De heren Van Es en Vierling bliezen fiks in de Haagse bus, Mister Extra deed eveneens zijn best en Quick kwam uit op een totaal van 206 voor 5. ACC kortom weer met beide benen op de grond.
De lunch was meer dan uitstekend, maar daar de eerder genoemde landbouwer slechts bekend is met het eerlijke voedsel dat de vette weiden en velden en hun rondoogige bewoonsters produceren, zal onbekend blijven wat de ACC veteranen oppeuzelden. Wat niet onbekend mag blijven is de vaststelling dat dit de wijze is waarop men zijn tegenstanders dient te ontvangen. Werkelijk uitstekend.
Van der Graaf en von Oven Fransz openden de ACC innings. Helaas liep Van der Graaf tegen de immer gevreesde en immer veel gepalaver veroorzakende vinger van de scheidsrechter van dienst. Eldering had een atypische dag en vertrok voor weinig. Non passeran pensionada von Oven Fransz echter meende, volkomen terecht, dat een lange rit van het een voormalige zee overziende M. naar de residentie een respectabel aantal minuten op de crease meer dan rechtvaardigde. Hij liet zien hoe het hoort. Battend met verstand en overleg wist hij de innings van ACC al drie ballen voor het sluiten van de veertig overs tot een goed einde te brengen. Aan de andere kant volgde de jonge heer Booij het voorbeeld van de rustige en bedachtzame vader uit M., al achtte hij het noodzakelijk om zes keer door zessen te laten zien dat jeugdig gedrag (Ik ros hem de tent uit) hem ter bestemde plaatse en tijd nog altijd aankleeft. (En terecht.) Quick gooide alles en iedereen in de strijd, maar von Oven Fransz, die door piepen en kreunen aangaf een shaggie te willen en de jonge heer Booij bleven op hun plaats, wat Van der Enden de gelegenheid gaf een door niemand aangehoord relaas te houden over Stellung halten. ACC 208 voor 2.
Bier, cola (voor de lafaard) en een tegenstander die zijn eigen prestaties tegen het licht hield, maar niet vergat de ACC matadoren te prijzen. Uitstekende dag, de thuisblijvers, onder wie niet Victor van der Valk, hadden weer eens ongelijk.
Zaterdag 7 juli 2007 Quick Haag Vets ACC Vets 0 2
Quick Hg vets 206/5 Van Es 72, Vierling 65, H. Schiferli 12*, Allema 9*, Hendrikse 6, Groen 6, D. Maarleveld 1
Eldering 2/31/109, von Schmidt 1/33/10, Booij 1/50/10, Van der Ende 1/88/10
ACC vets 208/2 Booij 106*, Von Oven Fransz 73*, Van der Graaf 10, Eldering 4
Hendrikse 1/30/5, Groen 1/42/10. Van der Veen 0/29/7 B. Lubbers 0/27/4, Allema 0/38/5, Bertels 0/9/43
Ballenactie 2012
Select Language
Zoeken
Sponsors
Routeplanner naar ACC
Vul je adres in en je route wordt uitgerekend






