De Halfzoon (© D. Broggel)
Sedert het Internet groeit als ware het een door geen enkel antibioticum te bestrijden bacterie, hoeft men niet langer naar een plaats van vertier en overdreven alcoholgebruik – de kroeg met andere woorden – om met zelotisch vernuft gebrachte semi-wetenschappelijk onzin te aanhoren. Neen, men kan rustig op zijn eigen bureaustoel gezeten virtueel over de wereld reizen en constateren dat er, om met de door de captain van de Veteranen zeer gewaardeerde volksschrijver te spreken, wel erg veel “geoudehoerd” wordt.
Als zoon van een bioloog kan uw correspondent het kalende en grijzende hoofd slechts schudden wanneer hij leest, dat een journalist of andere potsenmaker in alle ernst mededeelt dat bepaalde menselijke eigenschappen “in de genen” zitten. Zo kan men lezen, dat Rotterdammers genetisch tot harde en zware arbeid zouden zijn voorbestemd, terwijl wij Amsterdammers het door onze vrinden aan de Maas zo zwaar bevochten geld met eveneens genetisch bepaald gemak over de balk zouden smijten, of, om het modern te zeggen, “in de Noord – Zuid lijn stoppen”. De waarheid is uiteraard dat men begrippen uit de verkeerde wetenschap gebruikt. Niet de genetica, maar de ethologie verschaft hier duidelijkheid. De mens is een sociaal dier en hij kan slechts volledig functioneren als hij deel uitmaakt van een groep. Ten einde de groep te definiëren en intern te versterken, schermt de groep zich af van andere groepen en bestrijdt ze met verve. En hoe dichter de andere groep bij de eigen groep staat, zowel letterlijk als figuurlijk, des te meer “verve” men kan waarnemen. Postzegelverzamelaars en oppotters van suikerzakjes spreken met minachting over elkaar, om maar een voorbeeld te noemen. Ook de inwoners van de Maasstad en de Hoofdstad kunnen er wat van. Gelukkig kunnen wij cricketers ons terecht als een wel zeer bijzondere groep beschouwen, want bij ons komen de genoemde gevoelens over 010 en 020 niet voor, zoals iedereen die op 7 juni 2008 naar het Loopveld was getogen kon constateren. Journalisten vertellen natuurlijk niet altijd onzin, hetgeen eenvoudig te bewijzen valt door Jan Balk te citeren : “De thuisblijvers hadden ongelijk.”
VOC – Veteranen tegen uw Veteranen, met andere woorden. Captain Nierop had weer eens een zware dag. Ziekte, vacantie en werkdruk speelden de selectie parten. Ziektes, daar staat zelfs Nierop machteloos tegenover, maar vacanties en werkdruk zijn zaken waar hij wel raad mee weet. Hij is dan ook een product van Daltononderwijs en hij heeft leren plannen. Hij gaat met vacantie wanneer dat kan en werkdruk is een hem onbekend begrip. Van der Graaf, geen Daltonkindje maar een product van die Olifantenclub waaraan uw correspondent liever geen woorden vuil maakt, kwam er tot zijn ontzetting vrijdagavond achter dat uren uitkijken over de L****straat de werkdruk zodanig verhoogt, dat zaterdag het aanvallende bat op kantoor diende te zijn. Goede raad was duur voor captain Nierop. Gelukkig wilde S. Hannema wel voor Veteraan doorgaan en ook B. van der Heijde stond te trappelen om mee te maken hoe de mannen de strijd aangaan. Enig begrijpelijk gemor van VOC werd vakkundig de kop ingedrukt door onze secretaris, die, zoals het een goed bestuurslid betaamt, ook op een zaterdag waarop de Zami’s thuis duimen zaten te draaien, zijn ACC bezocht. Fluks in een wit pakje gehesen en meedoen, want, u gelooft het of niet, ondanks zijn jeugdige uitstraling voldoet Knüpfer geheel aan de door de KNCB gestelde eisen voor het Veteranenschap. B. van der Heijde moet nog even wachten. Als trouw supporter verdeelde hij zijn aandacht over baan 1 en baan 2, waar de Dames aan de slag gingen.
Na een door VOC gewonen toss mocht Nierop (c) een battingorder in elkaar knutselen. “Zekerheden in de sport bestaan vandaag niet meer”, hoort men sportjournalisten regelmatig bauwen. De vraag of dit weer een platitude is die de genoemde dames en heren braaf van elkaar overschrijven laten we rusten en we richten onze blik op von Schmidt, die zichzelf als een vaste nummer elf beschouwt. Er ontstond paniek toen hij ontdekte dat de captain een tactische meesterzet wilde doen door genoemde bowler als nummer twee het veld in te sturen. “Ik heb sinds 1985 niet meer geopend” en “ik heb geen conditie” vormden zijn klachten, doch ze waren aan dovemansoren gericht. Na dertig runs (en twee keer geluk) kwam von Schmidt het veld uit, veegde het zweet van het voorhoofd en stak een cigaretje (light) op. Hillen opende gedegen als altijd (29) en met von Schmidt had hij de toon gezet. Knüpfer (23) ging uit op een mooie vang, S. Hannema speelde veel over de grond (32) zonder een fikse zes te vergeten en Elderling liet alle slagen uit het boekje zien (76). Of L. Booij reeds lid is, weet uw correspondent niet en daarom laat hij in het vervolg van dit verslag de initiaal weg. Booij was van zins de bal met ferme klappen het veld uit te slaan. Tegelijkertijd oefende hij voor dancing on ice en toonde het publiek mooie beenspreidingen. De umpire pikte een appeal op en daar ging de vinger. (12) Zoals het hoort, bleef de umpire doof voor alle critiek, die Booij, na zijn spulletjes aan de kant te hebben neergelegd, op zijn rondje om het veld door niet mist te verstane lichaamstaal uitte. (Alles in het nette, overigens.) Nierop kwam als enige in de paar hem gegeven ballen niet in de dubbele cijfers, maar na drie not out ging hij tevreden van het veld, want 225 is een verdedigbaar totaal.
In het taalgebruik in de welhaast mythische strijd tussen 010 en 020 wordt het woord “mannen” voor 50% der inwoners van de Maasstad gebruikt, denkelijk om aan te geven dat men daar de mouwen opstroopt en de handen vuil maakt en niet, zoals het heren betaamt, met verfijning aan het werk gaat. Allemaal onzin, natuurlijk. De heren openers van VOC, Van de Broek (38) en Hennink (82) lieten gedegen cricket zien. Ze hielden de run-rate in de gaten en de wedstrijd had door VOC gewonnen kunnen worden. Gelukkig voor uw uiterst partijdige correspondent fieldde ACC goed en ofschoon er vangetjes werden gemist, gingen er VOC Vets uit. Booij nam twee wickets, von Schmidt en Knüpfer elk één, terwijl Van der Enden en Elderling ook belangrijke bijdragen leverden. De batslieden van VOC probeerden van alles, doch hun totaal bleef onder de tweehonderd. CC (= Captain Cees) was moe. Hij was echter ook tevreden. Natuurlijk had zijn team gewonnen en da’s mooi. Als bonus kan hij een stevige bezuiniging op het familiebudget uitvoeren, want veertig overs keepen betekent minimaal 240 kniebuigingen, dus het lidmaatschap van de sportschool kan worden opgezegd.
In goede harmonie werd vervolgens het hoogtepunt van de Vaderlandse cuisine, de bitterbal, soldaat gemaakt. De chemische **** die wij, zowel 010 als 020, met volgens economisten ongetwijfeld genetisch bepaalde vakkundigheid, in de Verenigde Staten van Noord – Amerika, als kwaliteitsproduct weten te slijten smaakte uitstekend. Supporter B. van der Heijde smaakte het genoegen een gezellig middagje ACC met twee overwinningen af te sluiten, want op baan 2 was het ook al bal.
De Czechen waren ook al blij. Toch zal het gepruts in Bazel uw correspondent niet bij blijven. Hij denkt echter nog steeds na over het begrip dat dit stukje tot titel geworden is. Het is lang geleden, dat hij eindexamen biologie gedaan heeft en de kennis over alles wat groeit en bloeit, is wat weggezakt. Zo’n diepe denker als D. Broggel zegt natuurlijk niet zomaar iets, dus welke ontwikkelingen zijn er geweest die hem genoemde uitspraak ontlokten? Met andere woorden: wat is een halfzoon?
B. B.
Als zoon van een bioloog kan uw correspondent het kalende en grijzende hoofd slechts schudden wanneer hij leest, dat een journalist of andere potsenmaker in alle ernst mededeelt dat bepaalde menselijke eigenschappen “in de genen” zitten. Zo kan men lezen, dat Rotterdammers genetisch tot harde en zware arbeid zouden zijn voorbestemd, terwijl wij Amsterdammers het door onze vrinden aan de Maas zo zwaar bevochten geld met eveneens genetisch bepaald gemak over de balk zouden smijten, of, om het modern te zeggen, “in de Noord – Zuid lijn stoppen”. De waarheid is uiteraard dat men begrippen uit de verkeerde wetenschap gebruikt. Niet de genetica, maar de ethologie verschaft hier duidelijkheid. De mens is een sociaal dier en hij kan slechts volledig functioneren als hij deel uitmaakt van een groep. Ten einde de groep te definiëren en intern te versterken, schermt de groep zich af van andere groepen en bestrijdt ze met verve. En hoe dichter de andere groep bij de eigen groep staat, zowel letterlijk als figuurlijk, des te meer “verve” men kan waarnemen. Postzegelverzamelaars en oppotters van suikerzakjes spreken met minachting over elkaar, om maar een voorbeeld te noemen. Ook de inwoners van de Maasstad en de Hoofdstad kunnen er wat van. Gelukkig kunnen wij cricketers ons terecht als een wel zeer bijzondere groep beschouwen, want bij ons komen de genoemde gevoelens over 010 en 020 niet voor, zoals iedereen die op 7 juni 2008 naar het Loopveld was getogen kon constateren. Journalisten vertellen natuurlijk niet altijd onzin, hetgeen eenvoudig te bewijzen valt door Jan Balk te citeren : “De thuisblijvers hadden ongelijk.”
VOC – Veteranen tegen uw Veteranen, met andere woorden. Captain Nierop had weer eens een zware dag. Ziekte, vacantie en werkdruk speelden de selectie parten. Ziektes, daar staat zelfs Nierop machteloos tegenover, maar vacanties en werkdruk zijn zaken waar hij wel raad mee weet. Hij is dan ook een product van Daltononderwijs en hij heeft leren plannen. Hij gaat met vacantie wanneer dat kan en werkdruk is een hem onbekend begrip. Van der Graaf, geen Daltonkindje maar een product van die Olifantenclub waaraan uw correspondent liever geen woorden vuil maakt, kwam er tot zijn ontzetting vrijdagavond achter dat uren uitkijken over de L****straat de werkdruk zodanig verhoogt, dat zaterdag het aanvallende bat op kantoor diende te zijn. Goede raad was duur voor captain Nierop. Gelukkig wilde S. Hannema wel voor Veteraan doorgaan en ook B. van der Heijde stond te trappelen om mee te maken hoe de mannen de strijd aangaan. Enig begrijpelijk gemor van VOC werd vakkundig de kop ingedrukt door onze secretaris, die, zoals het een goed bestuurslid betaamt, ook op een zaterdag waarop de Zami’s thuis duimen zaten te draaien, zijn ACC bezocht. Fluks in een wit pakje gehesen en meedoen, want, u gelooft het of niet, ondanks zijn jeugdige uitstraling voldoet Knüpfer geheel aan de door de KNCB gestelde eisen voor het Veteranenschap. B. van der Heijde moet nog even wachten. Als trouw supporter verdeelde hij zijn aandacht over baan 1 en baan 2, waar de Dames aan de slag gingen.
Na een door VOC gewonen toss mocht Nierop (c) een battingorder in elkaar knutselen. “Zekerheden in de sport bestaan vandaag niet meer”, hoort men sportjournalisten regelmatig bauwen. De vraag of dit weer een platitude is die de genoemde dames en heren braaf van elkaar overschrijven laten we rusten en we richten onze blik op von Schmidt, die zichzelf als een vaste nummer elf beschouwt. Er ontstond paniek toen hij ontdekte dat de captain een tactische meesterzet wilde doen door genoemde bowler als nummer twee het veld in te sturen. “Ik heb sinds 1985 niet meer geopend” en “ik heb geen conditie” vormden zijn klachten, doch ze waren aan dovemansoren gericht. Na dertig runs (en twee keer geluk) kwam von Schmidt het veld uit, veegde het zweet van het voorhoofd en stak een cigaretje (light) op. Hillen opende gedegen als altijd (29) en met von Schmidt had hij de toon gezet. Knüpfer (23) ging uit op een mooie vang, S. Hannema speelde veel over de grond (32) zonder een fikse zes te vergeten en Elderling liet alle slagen uit het boekje zien (76). Of L. Booij reeds lid is, weet uw correspondent niet en daarom laat hij in het vervolg van dit verslag de initiaal weg. Booij was van zins de bal met ferme klappen het veld uit te slaan. Tegelijkertijd oefende hij voor dancing on ice en toonde het publiek mooie beenspreidingen. De umpire pikte een appeal op en daar ging de vinger. (12) Zoals het hoort, bleef de umpire doof voor alle critiek, die Booij, na zijn spulletjes aan de kant te hebben neergelegd, op zijn rondje om het veld door niet mist te verstane lichaamstaal uitte. (Alles in het nette, overigens.) Nierop kwam als enige in de paar hem gegeven ballen niet in de dubbele cijfers, maar na drie not out ging hij tevreden van het veld, want 225 is een verdedigbaar totaal.
In het taalgebruik in de welhaast mythische strijd tussen 010 en 020 wordt het woord “mannen” voor 50% der inwoners van de Maasstad gebruikt, denkelijk om aan te geven dat men daar de mouwen opstroopt en de handen vuil maakt en niet, zoals het heren betaamt, met verfijning aan het werk gaat. Allemaal onzin, natuurlijk. De heren openers van VOC, Van de Broek (38) en Hennink (82) lieten gedegen cricket zien. Ze hielden de run-rate in de gaten en de wedstrijd had door VOC gewonnen kunnen worden. Gelukkig voor uw uiterst partijdige correspondent fieldde ACC goed en ofschoon er vangetjes werden gemist, gingen er VOC Vets uit. Booij nam twee wickets, von Schmidt en Knüpfer elk één, terwijl Van der Enden en Elderling ook belangrijke bijdragen leverden. De batslieden van VOC probeerden van alles, doch hun totaal bleef onder de tweehonderd. CC (= Captain Cees) was moe. Hij was echter ook tevreden. Natuurlijk had zijn team gewonnen en da’s mooi. Als bonus kan hij een stevige bezuiniging op het familiebudget uitvoeren, want veertig overs keepen betekent minimaal 240 kniebuigingen, dus het lidmaatschap van de sportschool kan worden opgezegd.
In goede harmonie werd vervolgens het hoogtepunt van de Vaderlandse cuisine, de bitterbal, soldaat gemaakt. De chemische **** die wij, zowel 010 als 020, met volgens economisten ongetwijfeld genetisch bepaalde vakkundigheid, in de Verenigde Staten van Noord – Amerika, als kwaliteitsproduct weten te slijten smaakte uitstekend. Supporter B. van der Heijde smaakte het genoegen een gezellig middagje ACC met twee overwinningen af te sluiten, want op baan 2 was het ook al bal.
De Czechen waren ook al blij. Toch zal het gepruts in Bazel uw correspondent niet bij blijven. Hij denkt echter nog steeds na over het begrip dat dit stukje tot titel geworden is. Het is lang geleden, dat hij eindexamen biologie gedaan heeft en de kennis over alles wat groeit en bloeit, is wat weggezakt. Zo’n diepe denker als D. Broggel zegt natuurlijk niet zomaar iets, dus welke ontwikkelingen zijn er geweest die hem genoemde uitspraak ontlokten? Met andere woorden: wat is een halfzoon?
B. B.
Ballenactie 2012
Select Language
Zoeken
Sponsors
Routeplanner naar ACC
Vul je adres in en je route wordt uitgerekend






